Distefano: Kat in de auto

Home » Blogs: Gewoon opgeschreven » Distefano: Kat in de auto
Distefano Geschreven door:
Distefano,
Mei 2011

Mijn dochter kon niet wachten. Onze nieuwe aanwinst had direct de naam Blackie gekregen.

Het beestje kwam uit een nest van vier, en hij was de keuze van mijn dochter van acht, in dit geval met volledige toestemming van vrouw. Ik had weinig in te brengen, als altijd.

Als ‘compromis’ hadden wij een nieuwe Opel Vectra Stationwagon gekocht. Nouja, compromis. We waren drastisch toe aan een nieuwe auto. En zo geschiedde dat wij naar de parkeergarage liepen met een kattenmand in de hand.
Ze was dolblij.
 
Het begon al goed donker te worden en de parkeergarage stond stampens vol. Wat wil je ook op koopavond, niet het slimste moment om een jonge kater op te halen bij een oud vrouwtje. Het vroor. Rode oren, rode neus waren het gevolg en handen die aanvoelde alsof ze in een bak met ijs zaten. Daar in die parkeergarage bleek al snel dat de sleutel niet werkte. Het sleutellampje brandde niet.
Ik had in alle positie gestaan om het slot open te krijgen, maar ik kon niet anders dan de sleutel op de ‘ouderwetse’ manier te gebruiken. Ik stak hem in het slot, maar ook dat bleek niet te werken.
Ik wrikte en ik keek mijn vrouw vragend aan.

‘Hij werkt niet, schat’.
Het geduld van mijn vrouw begon op te raken, en ze graaide de sleutelbos uit mijn hand, wreef de sleutel tientallen keren over haar jas om hem op te warmen.
Ze stopte de sleutel in het slot en begon te wrikken.
Maakte zich kwaad en zowaar - na wat gehannes - ging het slot open.

‘Moet ik nu alles doen’, zei ze op haar bazige toon.
Ik voelde me weer die A-techneut.

‘Hè, hè’. De kat die nog steeds opgesloten zat in haar mandje had van angst zijn ontlasting gedaan.
OOOOOOOOh, wat stinkt dat zeg’.
De geur van kattenzeik, maar vooral van zijn poep deed de auto stinken.

Ik probeerde de auto te starten, maar op één of andere manier lukte ook dit niet.
Weer die verrekte sleutel.
‘Heb je wel de goede sleutel, zei mijn vrouw.
‘Pap?’
‘JA TESS!’
‘Van wie is dit?’
Ik keek in de achteruitkijkspiegel.
Tess zwaaide met tennisracket.
Mijn vrouw keek me vragend aan.
‘Heb jij dit opgehangen?’

Er hing een ketting met een dolfijntje aan de achteruitkijkspiegel en een sjaal van de plaatselijke voetbalclub lag op de achterbank.
Toen besefte ik het. Dit was niet onze auto. Het was van het zelfde model, zelfde kleur, maar niet onze auto. ‘Dit is helemaal niet onze auto!’

Mijn vrouw en dochter barsten in tranen van het lachen.
Ik had het natuurlijk kunnen weten, we zaten op de tweede verdieping in plaats van op de derde.

Na wat zoeken zaten we in onze nieuwe auto en passeerde de tweede verdieping en daar…daar zag ik een jong stel bij de auto staan waar wij zojuist in gezeten hadden. De deuren stonden wagenwijd open - de kattenmand op het dak.

‘Tess, slimmerik!
 Je bent de kat vergeten!’