Mariska: Mijn eerste eigen plekje

Home » Blogs: Gewoon opgeschreven » Mariska: Mijn eerste eigen plekje
Mariska Geschreven door:
Mariska,
December 2010

Met mijn handen in mijn zij kijk ik rond. Er moet nog veel gebeuren voor ik een warm kerstsfeertje in onze boerderij heb gecreërd.

De boom staat nog scheef en alle spullen zitten nog in dozen. Die boom hebben mijn boer ik zojuist met de trekker opgehaald in een dorp verderop.

Met de kerstboom in de voorladerbak reden we door een wit sneeuwlandschap terug naar de boerderij. Kan het nog romantischer?! Ik kniel neer bij een kartonnen doos, veeg het stof eraf en scheur de bovenkant open.

Dan verdwijnt mijn hand de doos in op zoek naar iets speciaals; een stoffen kerstsok, vol gekliederd met verf.

Terwijl ik de sok stevig tegen mijn borst drukt zie ik het weer voor me;

Kerstavond 1995. Sneeuwvlokken dwarrelden sprookjesachtig naar beneden, maar veranderden helaas in plassen zodra ze de grond raakten.

Fee, mijn dochtertje van toen twee jaar oud, lag op haar buik de sok te beschilderen. Ze was zojuist in bad geweest. Haar vochtige haren had ik ingevlochten,
zodat ze de volgende ochtend met een prachtige krullenbos bij oma zou verschijnen.

Zelf was ik bezig met het versieren van de kerstboom. Een spuuglelijk kunstding. Hopelijk bracht dat een beetje gezelligheid in huis. We waren enkel dagen daarvoor ingetrokken in de flat en het was nog maar een kale bende.

Zelf was ik negentien. Na eerst een periode in een tienermoederhuis en daarna een tijdje bij mijn moeder te hebben gewoond, was de tijd nu toch écht aangebroken dat ik mijn eigen boontjes ging doppen.

Het flatgebouw was grijs en somber. De omgeving een chaos. Het was geen uitzondering als ik eerst over een verslaafde dakloze moest stappen om het, naar altijd urine ruikende, portiek binnen te stappen. Het was een wijk waarin mensen zelfs overdag met hun autodeuren op slot door de straten reden.

Geld had ik niet. De meeste meubels had ik gratis gekregen, kleding kocht ik in tweedehands zaken, net als speelgoed, en de goedkope vissticks kwamen al snel mijn strot uit. Toch zag ik onze toekomst niet somber in. Het was moeilijk, maar niet uitzichtloos.

Toen de kerstboom opgetuigd was, zag ik dat Fee inmiddels op de grond in slaap was gevallen. Haar duimpje in haar mond. Voorzichtig bracht ik haar naar bed en hing de geverfde sok boven haar bedje. Vlak naast een pluchen kerstengeltje.
Trouwfoto Mariska

Zachtjes gaf ik haar een kusje op haar wang en beloofde haar hardop niet te zullen stoppen met knokken eer we weg waren uit deze gettoachtige bende.

Glimlachend hang ik nú, net zoals de laatste jaren, de sok aan een spijker boven de open haard.

Opnieuw zet ik mijn handen in mijn zij en kijk rond. Naar de scheve, maar échte kerstboom, de uitgestrekte weilanden om mij heen, de koeien die vanuit de loopstal nieuwsgierig de woonkamer binnenkijken en naar mijn boer die in zijn trekker lachend en toeterend voorbij rijd.

Ik heb altijd geloofd dat onze toekomst een stuk rooskleuriger zou worden, maar op zóveel (boeren)geluk heb ik nooit durven hopen!