Eric: Luchtkastelen

Home » Blogs: Gewoon opgeschreven » Eric: Luchtkastelen
Geschreven door:
Eric,
Mei 2010

Door het open raam van de slaapkamer valt een bleek voorjaarszonnetje op een dampende kop koffie die zojuist op een schots en scheve stapel boeken is neergezet.

Een kasteel met muren en torens van grijze verhuisdozen vormt in de kamer een onneembare vesting met in het midden een opening naar het raam. Te midden van haar stapel boeken zit een prinses op een klapstoel naar het plafond te staren.

De vrouw, eigenlijk een meisje nog, volgt met haar ogen het getrippel van een miniscuul spinnetje, dat zich soms galopperend als een volbloed,
dan weer abseilend als een professioneel bergbeklimmer, over het plafond voortbeweegt. “Zal Max de mini-spin mij missen als ik straks weg ben?” vraagt ze zich af. Zolang ze zich kan herinneren was Max de mini-spin er al. Soms zag ze hem weken niet, dan dook hij opeens weer in een hoekje van haar kamer op.

Haar eerste ontmoeting met Max was een beetje vreemd gegaan. In haar kersverse studentenkamer bleek haar eerste vriendje te lijden aan arachnofobie, toen Max 's nachts had besloten af te dalen en als goede buur zijnde even gedag kwam zeggen. In blinde paniek was haar held op het witte paard weggestormd, maar tot op de dag van vandaag vond ze dat geen reden haar niet meer te bellen. Overigens had Max het goed gemaakt door een avond later een dikke mug te vangen. Aan een goede buur heb je nu eenmaal meer dan aan een verre vriend.
Ze kijkt naar haar kleed op de grond en ziet, binnen de kartonnen muren van haar kasteel, de rode wijnvlek die Carla op haar verjaardag had gemaakt door uit de fles te willen drinken. Ze Ziet de tomatensaus van haar eerste dag op kamers en iets verder weg de vale plekken in de vloerbedekking waar haar kast had gestaan.

“Lot, heb je nou je boeken al ingepakt?” klinkt het op eens van achter de slotgracht. Zonder op antwoord te wachten nemen twee mannenhanden een hap uit de kartonnen muur. Een hoofd verschijnt. “Kom joh, de rest is er al dus we kunnen de bus gaan volladen.”

Met een zucht staat Lot op en klapt haar troon in. Binnen afzienbare tijd is er van haar paleis geen spoor meer te vinden. Goede buur als hij is, zwaait Max de mini-spin haar voor het open raam op een zuchtje wind uit.